Rondleider machinekamer
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Basis
In de machinekamer staan
- twee Stork gelijkstroommachines van ieder ongeveer 300 pk
- 200 toeren per minuut
- twee centrifugaalpompen van ieder 220 m3
- Populistische uitleg over de werking van de gelijkstroommachine.
- De pompen staan vier meter boven de Wetering
- De pompen zijn niet zelf-aanzuigend, moeten eerst vacuüm gezogen worden met behulp van de ejecteur boven op de pomp
- Vacuümzuigen duurt een kwartier
- Om te pompen is minimaal één Lancashire-ketel nodig
- Het gemaal is zo goedkoop mogelijk uitgevoerd, zie bijvoorbeeld de opstelling van de machines, alles staat zo dicht mogelijk op elkaar.
- Pompen vraagt heel veel stoom, daarvoor zijn heel veel kolen nodig en die zijn erg duur
- De wielen in de nok zijn van een oud aanblaassysteem, de riemen op deze wielen dreven een ventilator aan die extra verbrandingslucht in de ketels joeg. Dit stamt uit de tijd dat er geprobeerd is bruinkool te verbranden. Experiment is mislukt.
Extra
- Vermogen is afhankelijk van de stoomdruk
- De gelijkstroommachine is het allerlaatste wat er aan zuigerstoommachines is gebouwd
- Zeer efficiënte, eenvoudige en goedkope machine
- Alleen inlaatkleppen, geen uitlaatkleppen
- Maar één cilinder, daardoor goedkoop en klein
- de gelijkstroommachine kan alleen efficiënt werken met een vacuüm
- dit vacuüm wordt gemeten in cm kwik, zie de manometer aan de muur
- Hoeveelheid water is afhankelijk van de benodigde opvoerhoogte
- Waarom is de machinekamer zo hoog?
- Naast de pomp van machine 1 is een vak in het metselwerk uitgespaard. De vrije ruimte was hier te klein om de waaier uit te kunnen nemen, daarom deze uitsparing.
- Een gemaal zoals het Woudagemaal zit vol met teak-houten lambriseringen en andere versieringen, hier alleen wat grijs geverfd stucwerk.
- De machinist sliep in de machinekamer