Overtoerenbeveiliging: verschil tussen versies
k |
k |
||
| Regel 7: | Regel 7: | ||
De beveiliging van onze machine bestaat uit een schijf met gewichten, gemonteerd op de krukas. Deze gewichten zijn via een veer aan de schijf bevestigd. Deze veren zijn met een moer op spanning gebracht, de spanning bepaalt op welk toerental de gewichten geheel zullen uitslaan. Bij ons is dat bij 200 toeren. | De beveiliging van onze machine bestaat uit een schijf met gewichten, gemonteerd op de krukas. Deze gewichten zijn via een veer aan de schijf bevestigd. Deze veren zijn met een moer op spanning gebracht, de spanning bepaalt op welk toerental de gewichten geheel zullen uitslaan. Bij ons is dat bij 200 toeren. | ||
De beveiliging bestaat verder uit een tweetal in elkaar verdraaiende [[ | De beveiliging bestaat verder uit een tweetal in elkaar verdraaiende [[excentrieken|excentrieken]], het ene wordt ingesteld door de regulateur aan de hand van het toerental, de ander door de verstelinrichting. De excentrieken samen bepalen de uitslag van de stang naar de nokken en regelen daarmee de lichthoogte en openingstijd van de kleppen. | ||
Versie van 21 jul 2025 20:33
Algemeen
De machines op de Tuut zijn voorzien van een beveiliging tegen een te hoog toerental. Een te hoog toerental kan tot vliegwielexplosies leiden en dat is uiteraard zeer ongewenst.
Deze beveiliging wordt vaak "regulateur" genoemd maar dat is een onjuiste benaming. Een regulateur kan ingesteld worden op een bepaald toerental waarna deze regulateur ervoor zorgt dat dit toerental gehandhaafd wordt. De beveiliging op de Tuut is hardwarematig éénmaal ingesteld op een bepaald toerental en dit toerental kan daarna niet zonder meer gewijzigd worden. De beveiliging werkt alleen als het toerental te hoog oploopt.
De beveiliging van onze machine bestaat uit een schijf met gewichten, gemonteerd op de krukas. Deze gewichten zijn via een veer aan de schijf bevestigd. Deze veren zijn met een moer op spanning gebracht, de spanning bepaalt op welk toerental de gewichten geheel zullen uitslaan. Bij ons is dat bij 200 toeren. De beveiliging bestaat verder uit een tweetal in elkaar verdraaiende excentrieken, het ene wordt ingesteld door de regulateur aan de hand van het toerental, de ander door de verstelinrichting. De excentrieken samen bepalen de uitslag van de stang naar de nokken en regelen daarmee de lichthoogte en openingstijd van de kleppen.
Onderdelen
De beveiliging bestaat uit diverse onderdelen, te beginnen vanaf de krukas. In de as is aan beide zijden een gleuf gefreesd waarin een lange spie gemonteerd is.
Over deze spie kan de schuifbus verschoven worden. Dit gebeurt door het handwiel uit de verstelinrichting.
Met de verstelinrichting kan de vulling van de stoomcilinder tijdens bedrijf met de hand geregeld worden. Met het vergroten van de vulling nemen het vermogen van de machine toe. Als neveneffect kan ook het toerental daardoor wijzigen.
Het regelen van de vulling is zuiniger dan het afknijpen van de stoomtoevoer. Wanneer stoom door een vernauwing stroomt, bijvoorbeeld van een geknepen afsluiter, dan zullen de druk en temperatuur van de stoom na de vernauwing lager zijn. Smoren geeft verlies aan druk en temperatuur.
Het regelen van de vulling is zuiniger dan het afknijpen van de stoomtoevoer. Wanneer stoom door een vernauwing stroomt, bijvoorbeeld van een geknepen afsluiter, dan zullen de druk en temperatuur van de stoom na de vernauwing lager zijn. Smoren geeft verlies aan druk en temperatuur.
Aan het eind van de schuifbus bevinden zich twee nokken die kunnen schuiven in de hals van de regulateurschijf. Door de bus te verschuiven draait de regulateurschijf ten opzichte van de schuifbus. Let wel, de schuifbus draait met de krukas mee door de twee spieen, de regulateurschijf draait met de schuifbus mee ten gevolge van de twee nokken. Alles draait dus.
Op de schijf liggen twee gewichten die aan een kant draaiend bevestig zijn. Deze gewichten zullen bij hogere snelheden naar buiten bewegen en bij lagere snelheden weer terugvallen tegen de hals van de schijf aan. Deze beweging wordt beperkt door een zware veer die vlak naast het bevestigingspunt van de gewichten is gemonteerd.
Onze regulateur bestaat uit de regulateurschijf (1), twee gewichten (2) met veren (3) en koppelstangen (7). De gewichten zijn met de tappen (13) aan de regulateurschijf bevestigd. Om deze tappen bewegen de gewichten. De koppelstangbout (5) van het gewicht is door middel van de koppelstang verbonden met de koppelstangbout (6) van het verstelbaar excentriek. De veren zijn met het ene eind aan de regulateurschijf bevestigd en met het andere eind aan een gewicht. De slag van de gewichten wordt begrensd door stootblokjes van leer. Dit type regulateur wordt as- of schijfregulateur genoemd. De naam schijfregulateur komt voort uit het feit dat de verstelbeweging plaats vindt in vlakken die loodrecht op de as staan (normaalvlakken).
Het aantal omwentelingen van de pomp neemt daarmee ook toe waardoor de opbrengst en het krachtverbruik stijgen. Als het krachtverbruik van de pomp gelijk is geworden aan het effectief vermogen (vermogen aan de as) dat de stoommachine op dat moment levert is het aantal omwentelingen weer constant, er is evenwicht bij een hoger aantal omwentelingen. Wanneer bij het maximum aantal omwentelingen het evenwicht nog niet hersteld is grijpt de regulateur in en regelt de vulling terug tot er evenwicht is. Bij het verkleinen van de vulling vindt het omgekeerde plaats. Uit het voorgaande blijkt dat de regulateur alleen nodig is als aantal omwentelingen te hoog wordt en de regulateur is dus meer een soort van overtoerenbeveiliging dan een echte regulateur.